DAF Museum: de erfenis van Hub en Wim van Doorne

Automusea vertellen veel over de auto’s en de tijden van toen. Iedereen wordt eenmaal ouder en dan zijn er altijd wel herinneringen aan bepaalde auto’s van vroeger. Natuurlijk kom je ze ook sporadisch op de weg tegen – veelal in de zomerdag want menige bezitter van een klassieker heeft de pest aan de roestduivel -  of op een clubmeeting of… in een museum. En met welk museum kun je dan beter beginnen dan met het DAF Museum, waar de vaderlandse trots op personen- en vrachtwagengebied in alle glorie tentoongesteld is.


Op de bovenverdieping geven ruim 40 DAF personenwagens een vrijwel compleet beeld van wat Eindhoven op dit gebied leverde. De eerste Daffodil rolde op 23 maart 1959 van de band.

Om te beginnen een waarschuwing: als je het DAF museum bezoekt, zorg er dan voor dat je niet in gesprek raakt met Guus Heiligers! Guus was van 1944 tot 1984, dus maar liefst 40 jaar lang, werkzaam bij DAF. Eerst als bankwerker op de bedrijfsschool, later dan hoofd van de afdeling Public Relations van DAF personenwagens, hetgeen op het eind van Guus' loopbaan veranderd was in Volvo Car. Hij heeft dus de hele naoorlogse opkomst van DAF meegemaakt en vooral in z'n functie als hoofd PR een heleboel interessante dingen en personen van zeer dichtbij meegemaakt. Waarom waarschuwen we je dan voor hem? Nou, Guus is een van de vrijwilligers die het museum runnen en hij kan bijzonder smakelijk vertellen over wat hij allemaal meegemaakt heeft. En als je de knop bij hem eenmaal omgezet hebt, dan houdt hij ook niet meer op. Vervelend? Integendeel! Z'n belevenissen geven een prachtige kijk achter de schermen van dat kleine Nederlandse bedrijfje dat zich van eenvoudige dorpssmidse opwerkte tot personenwagenfabriek en later zelfs tot truckproducent van Europees formaat. Hij weet zo veel en heeft zo veel gezien en gehoord, dat we hem aangeraden hebben om er een boek van te maken. Want als je als bezoeker al die verhalen over je heen laat komen, kom je wel mooi tijd te kort om het museum zelf te bezoeken en de auto's, vrachtwagens, motoren en versnellingsbakken te bekijken. En dat is jammer, want het DAF museum heeft een bijzonder interessante collectie.


Het DAF Museum is gevestigd in de gebouwen van de brouwerij waar Hub van Doorne z'n loopbaan begon. In een aanbouwtje aan de brouwerij kon hij met financiële steun van de brouwer een smidse beginnen.

Brouwerij
Het museum - dat overigens helemaal rolstoel-vriendelijk is - was vroeger gevestigd in Glanerbrug bij Enschede, maar nadat een oud-directeur er was wezen kijken, besloot men het geheel over te brengen naar Eindhoven en er stevig geld in te steken. Rob Lammers, die de oorspronkelijke collectie bijeen gebracht had, kwam in dienst van DAF. In Eindhoven werd de collectie, aangevuld met materiaal uit de fabriek zelf, ondergebracht in een oude brouwerij. Dezelfde brouwerij 'De Valk' waar Hub van Doorne in 1928 in dienst trad. In z'n vrije tijd sleutelde hij aan auto's en toen hij voor zichzelf begon, was dat met forse steun van z'n ex-werkgever, de brouwer: Hub kreeg 10.000 gulden en mocht zich vestigen in een ruimte die aan de brouwerij vastgebouwd werd. Al snel groeide Hubs bedrijfje uit dat jasje, maar na al die jaren keerden z'n scheppingen dus terug naar waar het allemaal begon en nu is op de originele plaats de originele smidse weer te bezichtigen.

Charles Burki tekende jarenlang de folders en kalenders van DAF. Een aantal originelen hangt in het museum. Burki's illustraties zijn verbluffend van detail en technische perfectie, zoals te zien is op deze tekening van een pick-up die DAF bouwde voor de Bataafsche Petroleum Maatschappij. Via het TV-programma 'Spoorloos' wist het museum er twee te vinden, waarvan een in Venezuela. Uiteraard staat er eentje te pronken in het museum.

Tekeningen van Burki
Naast de smidse bevat het museum ook nog een cafetaria ('Daffetaria'), een archief (momenteel nog niet vrij toegankelijk), een winkel (waar boeken, speldjes etc. verkocht worden) en uiteraard een tentoonstellingsruimte met heel veel DAF materiaal. Deze ruimte telt twee verdiepingen: de vrachtwagens staan beneden en de personenwagens hebben hun plaats gevonden op de eerste verdieping. In totaal telt het museum zo'n 120 voertuigen en daarnaast de nodige losse motoren en versnellingsbakken. Bovendien zijn in meterslange vitrines talloze DAF memorabilia te zien, van folders en relatiegeschenken tot de originele tekeningen die illustrator Charles Burki maakte voor de folders en kalenders van DAF. Deze tekeningen zijn een lust voor het oog, zo gedetailleerd en technisch perfect zijn ze uitgevoerd. Op bijgaande foto's geven we een kleine indruk van de omvang van DAF's productie en vooral van de zeer speciale voertuigen (waaronder diverse prototypes waarvan zelfs wij het bestaan niet kenden) die in de collectie opgenomen zijn.

Iedereen die bij de Landmacht in dienst geweest is, kent hem: de 'Dikke DAF', oftewel officieel de YA 328. De allwielaandrijving geschiedde volgens het H-principe, dat door Van Doorne uitgevonden was: na de versnellingsbak gaan er assen naar opzij en vandaar assen naar voren en naar achteren, dus in een H-vorm. Zodoende lopen de aandrijfassen langs de framebalken en niet midden onder de auto. Bovendien is er geen dikke differentieelklok, zodat de bodemvrijheid groter is dan bij conventionele vierwielaandrijvers.
Donateurs                                                                                                             Wie het museum (dat gerund wordt door vrijwilligers) wil steunen, kan donateur worden van de Stichting Vrienden van het DAF Museum. Donateur word je door minimaal fl. 35.- per jaar te storten op postbankrekening 40.49.977 of op de Rabobankrekening 15.13.84.584. Vriend van het museum ben je als je minimaal fl. 250.- per jaar doneert en wie fl. 1000.- per jaar kan missen, mag zich sponsor van het museum noemen. Donateurs, vrienden en sponsors hebben gratis toegang tot het museum (voor 2 personen) en krijgen 10 procent korting op de artikelen uit de museumwinkel.

Wie 'DAF en autosport' zegt, zegt uiteraard 'achteruitracen', maar in 1966 bouwde Brabham een Variomatic in een Formule 3 racewagen. Dat de traploze transmissie (eerst de Variomatic, later de Transmatic die veel grotere vermogens kon overbrengen) de F1 niet veroverde, lag niet aan het concept maar meer aan de behoudendheid van de FIA en de angst van andere teams voor iets dat hen duidelijk op een achterstand had kunnen zetten...

Info
Het DAF museum is gevestigd aan de Tongelresestraat 27 in Eindhoven. Het ligt op 10 minuten lopen van het station Eindhoven en is bereikbaar met buslijn 6, die pal voor de deur stopt. Openingstijden: het hele jaar door van dinsdag t/m zondag van 10.00-17.00 u; tijdens de zomermaanden juli en augustus en gedurende alle schoolvakanties ook op maandag. Het museum is gesloten op 1 januari, carnavalszaterdag en -zondag, 1e paasdag, 30 april, hemelvaartsdag, 1e pinksterdag, beide kerstdagen en 31 december. De toegangsprijs bedraagt 10 gulden per persoon. 65-Plussers, studenten en groepen van meer dan 30 personen betalen fl. 7,50 p.p.; kinderen tot en met 15 jaar (onder begeleide) fl. 5,00 p.p. Op verzoek stuurt het museum u een folder toe waarin een overzicht gegeven wordt van wat u in het museum te wachten staat, inclusief een plattegrondje van hoe je er met de auto komt. Het museum is te bereiken op het telefoonnummer (040) 244 43 64 en faxberichten zijn te sturen naar (040) 214 43 70.
Op de begane grond staan de trucks, opleggers, aanhangers, motoren en assen van DAF tentoongesteld, waaronder een politiebusje.

 

Naast de London-Sydney-DAF en de Brabham met Variomatic, getuigen ook de DAF's die aan de Parijs-Dakar rally deelnamen van het sportieve verleden van DAF, dat abrupt eindigde toen een teamlid omkwam bij een ongeluk met een DAF truck in de woestijnrally.

 

In het museum staan diverse interessante prototypen, waaronder deze P500. Dit ontwerp kwam uit de pen van Michelotti, DAF's huisontwerper uit Italië. Het is de voorloper van de DAF 600 en de Volvo 343 en gezien de lijnen, die sterk aan de Fiat modellen uit die tijd doen denken, is het wellicht begrijpelijk dat dit model het moest afleggen tegen de meer eigenzinnige vormgeving van de 343, die in 1977 uitkwam.
In 1965 ontwierp Michelotti, die ook heel wat Triumph modellen getekend had, deze fraaie coupé voor DAF. Het is beslist een van Michelotti's betere scheppingen en eeuwig zonde dat DAF hem niet in productie genomen heeft, want het zou het bedaagde imago van het merk behoorlijk opgekrikt hebben.
In 1964 ontstond deze Porter 500YE. Het is een amfibievoertuig met zelfdragende carrosserie en een 2-cilinder boxermotor van 500 cm³ en 15 pk. De ongewoon grote wielen zouden in het terrein en in laag water uitstekende diensten bewezen hebben en het reservewiel er tussenin doet denken aan de YA 126, maar pijlen op de banden laten zien dat het de bedoeling was dat het middelste wiel de twee grotere aandreef - een originele manier om 4x4-aandrijving te realiseren. Hub van Doorne zat vol met interessante ideeën en het museum is een prima plaats om kennis te maken met deze vruchtbare uitvinder.

© 2000-2001 CAR Shopping International - all rights reserved