|
|
Achter het stuurwiel van een Traction Avant 11 Légère
Voor een nadere kennismaking met het fenomeen 'Traction Avant' namen we tijdens een toerrit van de club plaats in de zwarte Traction 11 BL (Légère) van Henk en Corrie de Vos uit Breda. Dit model - ook wel 'Sport' genoemd omdat het eigenlijk een 7 Sport is - kreeg later een andere type-aanduiding. Het eerste dat aan de auto opvalt, is dat hij zo laag is en er, door de vloeiende vormen van de spatborden, de lange neus en de achterover hellende grille, zo snel uitziet. Laag is-ie zeker: de Mercedes 230, die in 1936 uitkwam, is 160 cm hoog; de TA is 8 centimeter lager. En snel is ie ook: door z'n lage gewicht (de auto van Henk en Corrie weegt maar 1100 kilo) weet de 1911 cm3 motor 'm dezelfde snelheid te geven als de Mercedes, die 400 kilo meer weegt en een 2229 cm3 6-cilinder heeft: 110 km/u. Daarbij ziet de Traction er eerlijk gezegd een stuk eleganter uit dan de hoekig ogende Mercedes.
|
|
|
Geen haast
Het schakelen gaat heel apart, voor iemand die een moderne auto gewend is. De pook steekt uit het dashboard; de 1e versnelling zit rechtsonder. In z'n 1 moet je de koppeling even laten slippen, anders smoor je de motor. Vanuit z'n 1 schakel je naar linksboven voor de 2 (waarin je vanaf stapvoets kunt optrekken, zoveel koppel heeft de motor) en vandaar recht naar onderen voor de 3. De achteruit zit rechtsboven. Dat schakelen moet je heel rustig doen, anders knerst de Traction met z'n tanden. 'Ze hadden toen nog geen haast', zegt Henk. En dat is de hele sfeer die de auto uitademt: geen haast. Hoewel: voor het remmen moet je wel op tijd zijn, want vergeleken met moderne mobielen vergt dat pedaal een behoorlijke kracht en dan nog is de vertraging niet echt geruststellend. We maken het tijdens de toertocht dan ook diverse malen mee dat Henk hardop waarschuwt om alvast te gaan remmen voor een bocht of voor een voorligger die afremt. Dat afremmen is soms nauwelijks te zien, want remlichtjes waren toen nog niet zo groot en helder als tegenwoordig - er was toen ook nog veel minder verkeer en zoals gezegd: alles ging nog rustig. Knipperlichtjes had de Traction ook al, maar die knop kwam niet uit zichzelf terug. Wel ging na zo'n 10 seconden het knipperlichtje uit, dus je hoefde je er geen zorgen om te maken. Voorruit op een kier Van voorruitontwaseming hadden ze in 1953 bij Citroën nog niet gehoord: als je de ruit wilt ontwasemen kun je hem van onderen op een kiertje zetten. Helaas doet de rijwind dan iets af aan de rust die het interieur van de TA met gesloten voorruit kenmerkt. Om het in- en uitstappen te vergemakkelijken, vooral voor dames met grote jurken, scharnieren de voordeuren van de Traction aan de achterkant. Instappen door deze 'zelfmoorddeuren' is erg gemakkelijk: je kunt vooruit instappen, met gebogen hoofd, of je achterwaarts in de stoel laten vallen. Achterin heeft de auto ook veel ruimte, want hij heeft geen transmissietunnel. Onze indruk na deze rit: de Traction Avant is een auto die je naar een andere tijd rijdt, een tijd waarin alles nog veel rustiger was. En de liefhebbers van deze auto's zijn aardige mensen, die met veel plezier over hun hobby vertellen. Dat is voor Henk trouwens ook het belangrijkste argument om voor deze club en deze auto te kiezen: 'het is een gezelligheidsclub, de auto brengt je bij elkaar, je krijgt er vrienden door.' ![]() In 1953 had de Traction eindelijk een echte kofferbak gekregen, zodat het reservewiel niet meer onder een eigen deksel achterop zat. Informatie Wie nog meer wil weten over de Traction Avant (clubblad, clubshop, magazijn, evenementen, foto-impressies, koopadviezen en links), kan terecht bij Traction Avant Nederland. |
||
© 2000-2001 CAR Shopping International - all rights reserved